Snelheid en afstand
Buiten de bebouwde kom mag je meestal 80 km/u, op sommige wegen 60 km/u. Houd minstens twee seconden afstand tot je voorganger, en meer bij slecht weer. Neem voor een bocht op tijd gas terug, zodat je door de bocht heen rustig gas kunt geven. Lees ook maximumsnelheid in Nederland.
Strepen en markering
- Onderbroken streep: je mag eroverheen om in te halen, als het veilig is.
- Doorgetrokken streep: daar mag je niet overheen. Ook niet ‘even’.
- Dubbele lijn of groene middenstrook: niet overheen; hier wordt inhalen bewust tegengehouden.
Veilig inhalen
Inhalen doe je links. Haal alleen in als je ver genoeg vooruit kunt kijken en er ruim genoeg tijd is. Twijfel je, dan doe je het niet.
- Kijk ver vooruit: geen tegenliggers, geen bocht, geen kruispunt of zebrapad in de buurt?
- Spiegels, richting aangeven, dode hoek.
- Haal vlot in met een duidelijk snelheidsverschil, binnen de maximumsnelheid.
- Ga pas terug naar rechts als je de ingehaalde auto in je binnenspiegel ziet.
Haal nooit in vlak voor of op een kruispunt of zebrapad, en niet in een bocht of op een heuvel waar je niet overheen kijkt.
Landbouwverkeer en fietsers
Rond Delft en het Westland kom je trekkers, vrachtwagens en fietsers tegen op smalle wegen. Geef ze de ruimte, haal alleen in als je de weg voor je echt ziet en houd bij fietsers minstens een meter afstand, buiten de bebouwde kom liefst meer.
Op je examen
De examinator kijkt of je je snelheid aanpast aan de weg en de situatie, ver vooruit kijkt en alleen inhaalt als het veilig én nodig is. Onnodig inhalen of juist steeds achter een fietser blijven hangen terwijl er alle ruimte is, zijn allebei fouten. Lees ook rijden op de snelweg en het praktijkexamen auto.
Veelgestelde vragen
Mag ik over een doorgetrokken streep om in te halen?
Nee. Een doorgetrokken streep mag je niet overschrijden, ook niet om in te halen.
Hoe hard mag ik buiten de bebouwde kom?
Meestal 80 km/u, tenzij borden iets anders aangeven. Op autowegen 100 km/u.



